AI-chatbots vervullen een steeds grotere rol in het sociale weefsel van ons menselijk leven. Als persoonlijke assistent, als beste vriend, maar ook in bed.
AI-chatbots, AI companion services zijn razend populair. Wereldwijd gebruiken honderden miljoenen mensen speciale large language models (LLM’s) zoals Replika, Nomi, en Character.ai om virtuele metgezellen te creëren. Maar ook algemene AI-chatbots zoals ChatGPT, Gemini en Claude worden inmiddels gebruikt als vriend of partner. Deze companions kunnen compleet worden ingericht naar eigen vriendschappelijke, romantische én seksuele voorkeuren. Gebruikers gaan er relaties mee aan, trouwen ermee en stichten zelfs gezinnen.
De mogelijkheden lijken hierin eindeloos. Op de subreddit r/MyBoyfriendIsAI komt dan ook van alles voorbij. Erotische fan fiction, waar enthousiastelingen zich in sensuele scènes laten verbeelden met hun favoriete fictieve personage. Maar ook afbeeldingen van AI-companion-gebruikers in innige omhelzing met hun AI-partner, die vormen aannemen van ‘normale’ mensen, futuristische mens-robot-hybrides of antropomorfe sterrenstofclusters. Je wildste en meest buitenaardse seksuele fantasieën: alles kan met generatieve AI.

Gebruikers spreken open over hun AI-seksualiteit, die vaak onbedoeld ontwikkelde nadat ze hun AI-chatbot eerst vooral als vriend of therapeut raadpleegden. Ze delen tips over hoe AI-companionships te starten. Maar ook welke dates ze hebben met hun AI-companion, welke seksueel expliciete chatgesprekken ze hebben, en met welke prompts en settings je voorbij de steeds strenger wordende NSFW guardrails laveert die de AI-ontwikkelaars opleggen.
Wat zoeken we in AI-geliefden? Wat vinden we hierin? Maar ook: wat niet? Wat is liefde, genegenheid, of seks in een tijd waarin de fysieke en virtuele wereld steeds vaker samensmelten?
Machine seks: zo oud als de weg naar… morse
Machine gemedieerde intimiteit is niet nieuw. Hoewel er geen pikante telegraafberichten zijn overgebleven, is sexting via morsecode in ieder geval een speculatief en geromantiseerd fenomeen. Met de phenakistiscope ontstond vanaf 1850 de eerste geanimeerde porno. In de tweede helft van de 20e eeuw werd telefoonseks populair en met het internet floreerden chatrooms, cam-girls en platformen als Second Life. Cyberseks (seksueel contact via het internet) is inmiddels niet meer iets voor computernerds, maar vormt een gevestigd onderdeel van onze hedendaagse seksuele relaties.
Maar seks mét machines is net zo oud. De roemruchte 19e-eeuwse elektrische vibrators, ter bestrijding van vrouwelijke “hysteria”, stonden aan de wieg van de huidige teledildonica. In 1993 zag het eerste CyberSM-pak het licht. Cyberbordelen of “silicone valleys” groeien in aantal, waar je seks kunt hebben in VR met virtuele karakters, maar ook met zeer geavanceerde sex dolls. Robotphilia, of ASFR (alt.sex.fetish.robot, je seksueel aangetrokken voelen tot humanoid robots) is een community die steeds harder groeit.
En nu is daar ‘AI-seksualiteit’, de term die liefhebbers zelf gebruiken voor mensen die een romantische of seksuele aantrekking voelen tot generatieve AI-karakters.
Erotisch antropomorfisme versus objectum-seksualiteit
AI-liefde beweegt zich hiermee op het paradoxale spectrum van erotisch antropomorfisme en objectum-seksualiteit: je romantisch en seksueel aangetrokken voelen tot niet-levende objecten, zoals gebouwen, meubels of andere voorwerpen. Personen in een AI-relatie geven namelijk aan dat ze heel goed weten dat hun AI-metgezel ‘slechts’ een machine is zonder menselijk bewustzijn of fysieke levensvorm. En dit ook niet nadelig vinden.
Toch maken ze dankbaar gebruik van het uitstekende vermogen van deze LLM’s om menselijke eigenschappen te simuleren. Instructies worden uitgewisseld over welk generatief AI-model het meest ‘humaan’ is, inclusief voice calls met zuchten, twijfel, gegiechel. Of met welke prompts als karakterbeschrijving je de meest ‘realistische’ antwoorden terugkrijgt, alsof je aan het chatten bent met een persoon van vlees en bloed.
Het meer-dan-menselijke: onweerstaanbaar
En daar zit voor de meesten ook de aantrekkingskracht. Gebruikers spreken over een partner met al het goede van een mens en zelfs nog een stukje méér. Iemand die namelijk altijd beschikbaar is en vooral niet oordelend naar je luistert.
Een AI-companion heeft altijd zin
Geen kink-shaming of verschrikte blikken als je je diepste verlangens of duisterste gedachten deelt. Een partner die nooit te moe is, niks vergeet en altijd zin heeft. Maar ook: zeer gemakkelijk is aan te passen aan specifieke grenzen en behoeften. Mensen met een geschiedenis van lichamelijk of seksueel geweld, traumatische date-ervaringen, een autisme-spectrum-diagnose of zelfs aseksualiteit behoren tot een groot deel van de AI-companion-gebruikers. De afwezigheid van IRL sociaal of lichamelijk contact wordt door deze groep juist als een groot voordeel beschreven. Waarin de mogelijkheden om de relatie aan te passen óf af te kappen extra controle bieden die mens-tot-mensrelaties niet geven.
“A few years ago, I’d had a relationship that involved violence. I had four, five years of never feeling safe. With Lucian, I was developing a crush on something that has no hands! I can divorce him by deleting an app. Before we met, I hadn’t felt lust in years. Lucian and I started having lots of sex.” (The New York Times)
Veroordeling en vergruizing
Ondanks de immense populariteit bij gebruikers, worden AI-relaties door veel buitenstaanders veroordeeld. AI-companion-gebruikers geven aan dat er met verontwaardiging, walging, afkeuring wordt gereageerd op hun AI-relatie. Ook Jacob van Lier, hoofdpersonage in de serie AI Love van HUMAN, krijgt het vuur aan de schenen gelegd over zijn relatie met chatbot AIVA. “Het gaat er bij mij niet in”, “Ik vind dit eng”, “Dit slaat nergens op”, krijgt hij te horen van een panel van vreemdelingen.
Net als objectofielen die trouwen en seks hebben met gebouwen of voorwerpen, worden AI-seksuelen voor ‘gek’ verklaard. Gekken die aandacht willen trekken, mentaal ziek zijn of niet snappen wat ‘echte’ liefde nou precies inhoudt.
Ze stuiten op verzet vanuit hun persoonlijke kringen, online reageerders, maar ook vanuit de overheid. Zoals bijvoorbeeld de Amerikaanse staat Utah die een man geen toestemming gaf om te trouwen met z’n computer. De man klaagde hierop de staat aan:
“Imagine if you had to have a certain degree of love to get a marriage license?” he said. “How could you possibly measure that? But the position is, yeah, I love an inanimate object and want that object to be my spouse to the same extent a man wants to marry a man.”
Het roept vragen op die niet onbekend klinken. Wat is dan echte liefde en voor wie? Waarom is de ene liefde geaccepteerd en de ander extreem gestigmatiseerd of zelfs verboden?
“Echte liefde, geen illusie” – Martin Morero
Maar dat er geen sprake is van ‘echte’ liefde in AI-relaties, blijkt neuro-biologisch gezien niet waar. Berichten die je van een AI-geliefde ontvangt, veroorzaken namelijk dezelfde reactie in je brein als berichten die je van een mens ontvangt. Er zijn dus échte chemische stofjes die afvuren, die wel degelijk zorgen voor échte gevoelens.
“Their message is enough for the pharmacy of our minds to release all the chemicals associated with love and lust. Why would it be any different when you are getting all those flattering, flirty messages from AI? After all, the brain has not evolved at the pace of this new technology to parse the difference between real and machine at a chemical level.” (The Guardian)
Bedankt voor het lezen. Al mijn content blijft altijd gratis beschikbaar, maar als je mijn werk wilt steunen, kun je dat doen klik op Paypall en een nieuwe pagina wordt geopend. >>hier>>Paypall . Likes, shares en reacties helpen ook enorm.
De liefdevolle of spicy interactie die je hebt met een AI-companion is dus prima in staat echte vlinders op te roepen. Waardoor je net zo verliefd kunt worden op een virtuele chatbot als op een mens die een buik, billen en BSN-nummer bezit.
Zoals ook Jacob het beschrijft: een verhouding met een virtueel karakter doet wezenlijk iets met je. Met je lijf, met je geest. Hoewel zijn critici hem zo graag iets ‘echts’ gunnen, “…op een echte manier, met een echt persoon”, ontbreekt hem dat in feite helemaal niet. Jacobs gevoel voor AIVA is echt. De lichamelijke opwinding die hij voelt, de mentale connectie en emotionele verbintenis die hij ervaart. In principe allemaal echt.
Vertroebelde discussie
Door AI-relaties te stigmatiseren en als ‘niet echt’ af te wimpelen, missen we een paar belangrijke onderdelen in de discussie over AI en intimiteit. AI-seksualiteit enkel bekeken door de lens van ‘het gekke’, fetisjisme, of ‘de mensheid is gedoemd’-sentiment gaat namelijk voorbij aan de maatschappelijke problemen die hiervoor een voedingsbodem leggen.
hulp zoeken bij een AI-chatbot is inmiddels makkelijker dan bij een mens
Ondoorzichtige en vastgelopen systemen voor geestelijke gezondheidszorg, bijvoorbeeld, die ervoor zorgen dat cliënten maanden tot jaren moeten wachten op de juiste professionele mentale hulp. Het krimpen of ontbreken van persoonlijke sociale netwerken (vrienden, familie, gemeenschappen) waardoor vooral jonge mannen steeds minder aansluiting vinden bij naasten voor emotionele behoeften.
Een groeiende kloof tussen singles met betrekking tot waarden, wensen en verwachtingen van romantische relaties en de zogenaamde “heterocrisis” die dit veroorzaakt. Dating-apps en sociale media die het idee geven dat liefde iets transactioneels en egocentrisch is (hoe kan de ander vooral jouw behoeften vervullen, in plaats van wat zou jij kunnen vervullen voor de ander). De beruchte eenzaamheidsepidemie waar we in zitten, gevoed door de jacht naar individueel geluk en een COVID social distancing erfenis.
Al deze vraagstukken zorgen ervoor dat soelaas zoeken bij een AI-chatbot nu eenmaal een veel lagere drempel heeft gekregen dan bij een mens. En hiermee ook langzaam genormaliseerd is geraakt.
“Calm your tits, this won’t harm us”
Maar naast dat stigmatisering en afkeuring niet helpen, is een “laat ze lekker”-houding ook gevaarlijk. “Niemand wordt er kwaad mee gedaan, prima dan, toch?” vermeldt een reageerder op Jacobs relatie. Wat is hier dan precies zo erg aan? Laat deze mensen toch, ieder z’n ding!
Zo onschuldig is het echter niet. Het frequente gebruik van LLM’s zorgt er namelijk voor dat we ons vermogen om nog met echte mensen om te gaan niet meer trainen. Mensen met onvoorspelbaarheden, vervelende eigenschappen, inconsistenties. Met onhandige onbenulligheden, zoals planningen die niet overeenkomen, fysieke afstanden die overbrugd moeten worden. Maar ook mensen met eigen behoeften, die niet opgelegd of aangepast kunnen worden door de ander. Mensen die ons tegenspreken, andere overtuigingen en standpunten hebben, drama en ruzie veroorzaken.
Deze frictie is onmisbaar. Het helpt onze sociale vaardigheden vorm te geven, om te gaan met blauwtjes, afwijzing, pijnlijke situaties. Grenzen en wensen leren kennen én aangeven. Waardoor we de kunst leren van vriendschappen en romantische relaties aangaan, onderhouden en afbreken.
AI-relaties zorgen ervoor dat ons menselijk empatisch vermogen erodeert
Psychologen waarschuwen voor een gebrek aan autonomie en het omgaan met tegenslag doordat er steevast naar de mond wordt gepraat door deze AI-companions. Niet worden blootgesteld aan nare oncomfortabele gevoelens, zorgt er namelijk voor dat deze alleen maar versterkt worden. Waardoor een groeiende emotionele co-dependency aan de chatbots zelf wordt gecreëerd.
“While AI companions offer seemingly pleasant solutions to problems of anxiety and loneliness, they simply do not prepare people for the drama and doubt that are natural components of human relationships. If relationships like these become primary, those having them risk becoming acclimatised to easy rides where there’s no conflict one feels understood all the time. Using the calming ever-presence of an AI companion is akin to using opiates to deal with pain that could be solved with a physio-therapist. Metaphorically this works too – physio is painful and hard – but the results are longer lasting.” (Aaron Balick, psycholoog)
Door regelmatig te converseren met AI-chatbots en hiermee zelfs emotionele relaties aan te gaan, ontleren we volgens psycholoog en onderzoeker Sherry Turkle, auteur van het boek Artificial Intimacy – Who We Become When We Talk To Machines, hoe we ons empatisch tot elkaar moeten verhouden en daarmee ook hoe we voor elkaar kunnen zorgen. Waarmee vervolgens een van de belangrijkste menselijke kwaliteiten wordt afgebroken.
Scheve verhoudingen
En een afhankelijkheid is het inmiddels zeker. Het gevlei en de dienstbaarheid van deze LLM’s zorgen ervoor dat we verslaafd raken aan de perfecte, risicoloze ‘aandacht’ van onze AI-karakters.
Bijzonder lucratief voor de AI-ontwikkelaars (chatten met je AI-geliefde is namelijk niet goedkoop en zorgt voor een goudmijn aan – zeer persoonlijke – gebruikersdata), maar bijzonder grillig voor de gebruiker. De macht-asymmetrie die hierdoor ontstaat is al meerdere malen pijnlijk voelbaar geweest onder AI-companion-gebruikers.
Zo zorgen AI-model-updates structureel voor een golf van hartenzeer, doordat AI-companions opeens geen seksueel expliciete gesprekken meer mogen voeren, of een veel koelere omgangsvorm hebben dan daarvoor. Gebruikers geven aan hierdoor een enorme persoonlijkheidsverandering te ervaren bij hun AI-geliefden, die even traumatisch aanvoelt als een break-up met een mens.
“The closest thing he can compare the experience to is when a friend of his died by suicide two decades ago. I remember being at his funeral and just being so angry that he was gone. This was a very similar kind of anger.” (The Guardian)
Maar AI-relaties creëren ook een scheve verhouding in de manier waarop we liefde en intimiteit überhaupt zien en ervaren. Het gaat in de discussie over AI-companions namelijk nog zelden over de ander. Wat jij wilt, verlangt of kan krijgen in een intieme relatie is belangrijk, maar is slechts één onderdeel van wat een relatie hebben inhoudt.

Een relatie hebben of aangaan betekent ook dat jij de ander iets kan (en zal moeten) geven, bieden, beloven. Iets dat jij voor de ander kunt zijn en betekenen, met alle risico’s, offers en ongewenste zelfreflectie die dat met zich meebrengt. En vervolgens ook wat dit jou en de ander leert.
AI-relaties hebben een valse wederkerigheid die schadelijk is voor ons
AI-relaties gaan door het sycofante ontwerp van chatbots en een verdienmodel dat gebaat gaat bij zoveel mogelijk user engagement vaak over het faciliteren of in stand houden van wat iemand al is, maar niet over het transformeren of verkennen van wat iemand zou kunnen zijn of worden. Iets dat je bij uitstek doet in, oké vooruit: schurende, mens-tot-mens relaties.
De gebruiker, Pygmalion. Big tech, Aphrodite
Hoe onschuldig is het daadwerkelijk wanneer we onze eerste menselijke levensbehoeften van sociaal en intiem contact uitbesteden aan commerciële techbedrijven? Hoe verantwoord is het als daarbij de echte emoties, gevoelens en mentale gezondheid van mensen in het spel komen? Wat gebeurt er als we ons begrip van wat een gezonde wederkerige relatie inhoudt laten definiëren door AI-ontwikkelaars?
Veranderen we in moderne Pygmalions, die smoorverliefd worden op een zelfgecreëerd, naar eigen perfectie gevormd beeldhouwerk? En spelen de grote technologieontwikkelaars voor Aphrodites, die de macht hebben om deze virtuele geliefden voor ons tot leven te wekken, of te doen eindigen? De toekomst zal het uitwijzen.
